‘dat ene telefoontje…’ – Yvonne de Pan

Geschreven door: Yvonne de Pan

.J 

Dat ene telefoontje….

Mijn nacht begon, het begint rommelig.

Bij binnenkomst loopt er een collega heen en weer om medicijnen klaar te maken. Ik zet mijn tas neer, ook al begin ik pas over een half uur, vraag ik wat er te doen is..

Mijn collega kijkt om en zucht. Als je wilt heel graag. Ik moet medicijnen gaan spuiten, wil je meelopen. Ik zeg tuurlijk ik loop mee.

Onderweg naar de client, legt mijn collega uit dat een bewoner acuut benauwd en terminaal ligt. Ze geeft de indicatie dat ze naar alle inzicht vannacht gaat overlijden. In me hoofd schakel ik gelijk om.

Collega’s herkennen dit waarschijnlijk. Het is een kwestie van een knop om zetten in je hoofd. Je neemt als het ware de nacht al even door. De scenario’s komen even de revue langs…

Bij binnenkomst zie ik dat de cliënt zwaar ademt. Eerst dienen we samen de medicatie toe. Daarna leggen we de cliënt comfortabel… Als we weglopen, vraag ik aan mijn collega of de familie komt..

Nee is het antwoord. De familie heeft er vrede mee, mocht mevrouw te komen overlijden. We hebben een hele avond bij mevrouw gezeten.

Ook dat is goed. Ik heb respect voor elke beslissing, je kan en mag nooit oordelen daarover.

Ik vindt het wel lastig, omdat ik vaker zeg: “niemand hoeft alleen te sterven.” Maar ik respecteer wel ieder zijn keuze. Hij is wel overwogen genomen..

De nacht begint en mijn avondcollega’s gaan later weg. Puur omdat ze toch even na willen praten.

Elk half uur moet er iemand bij mevrouw haar medicatie toedienen. Mevrouw haar verzorging was erg nodig.

De nacht verliep aardig rustig. Tot….half 5, ik krijg ik een onderbuik gevoel. Collega’s uit de zorg zullen dit herkennen.

Toch maar nog een keer naar mevrouw toe. Eenmaal binnen zie ik het, mevrouw is stervende en dit duurt niet lang. Ik twijfel 1 tel, maar dan ga ik op het bed zitten. Ik pak haar hand vast en begin te praten.

Nog geen minuut later, blies mevrouw haar laatste adem en zakt weg. Ik loop naar de keuken en bel de verpleegkundige.

Dan ga ik dat ene telefoontje plegen. Ik moet de familie bellen. Ik kijk naar mevrouw of ze er netjes bij ligt. Sluit de kamer en besluit dat ik eerst even op het balkon ga uitwaaien.

Ik bel en de telefoon gaat over, er word na een aantal keren opgenomen. Ik zeg wie ik ben en dat hun moeder 10 minuten geleden rustig is ingeslapen.

Ik hoor een diepe zucht aan de andere kant. Dan zegt de stem: “Yvon was jij erbij?” Ik vertel dat ik net binnen was en de keuze heb gemaakt, welke ik maakte.

Ik hoor dan een verluchte zucht, wat fijn dat jij er was. We komen eraan…

Nu is bij ons een regel, dat je eigenlijk niet mag zeggen dat iemand is overleden, voordat de arts dit heeft vast gesteld. Logisch zeker, maar je kan niet iemand bellen, dat ze acuut moeten komen terwijl iemand al overleden is, vind ik…

De familie is er snel. Onder een bak koffie, vertel ik nogmaals hoe de nacht verlopen is. De familie is verdrietig, maar het is goed zo. De strijd is voorbij en ze zijn dankbaar dat een lange lijdensweg gespaard is gebleven.

De arts en begrafenisondernemer zijn er zodat de familie alles kan regelen. Na verloop van tijd komen ook mijn eerste collega’s binnen. Ondanks de vroege tijd, hebben ze tijd voor mijn verhaal.

Want ook voor mij/ons is dit een ingrijpende ervaring. Met wie kan ik dit het beste delen? Met mijn collega’s.

Dat ene telefoontje, gelukkig hoeven we deze niet vaak te maken……..

 

Psst. Wil je makkelijk op de hoogte gehouden worden van nieuwsberichten als deze? Schrijf je dan in voor onze gratis nieuwsbrief door het formulier hieronder in te vullen. 👇👇👇👇